ECLI:NL:PHR:2008:BC1849
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Heropening van vereffening wegens onbevoegde vertegenwoordiging bij tegenstrijdig belang in vennootschap
De zaak betreft een verzoek tot heropening van de vereffening van Pinakel Holding B.V., waarbij de curator van Interglobia Oy stelt dat sprake is van onbevoegde vertegenwoordiging door NSI, die bestuurder en aandeelhouder was, vanwege een tegenstrijdig belang bij de schuldovername.
Het hof stelde vast dat er sprake was van tegenstrijdig belang en dat NSI niet bevoegd was zonder uitdrukkelijk aandeelhoudersbesluit een bijzondere vertegenwoordiger aan te wijzen. De Hoge Raad bevestigt dat de eerste zin van art. 2:256 BW Pro regelend recht is en afwijking in statuten mogelijk is, maar de tweede zin dwingend recht is en vereist dat de algemene vergadering een bijzondere vertegenwoordiger aanwijst bij tegenstrijdig belang.
Verder oordeelt de Hoge Raad dat onbevoegde vertegenwoordiging leidt tot ongeldigheid van de rechtshandeling jegens de vennootschap, en dat een beroep op onbevoegde vertegenwoordiging niet verjaart volgens art. 3:52 BW Pro. Misbruik van vertegenwoordigingsbevoegdheid is slechts in bijzondere gevallen aan te nemen. De uitspraak benadrukt het belang van rechtszekerheid en de noodzaak van tijdige informatie aan de algemene vergadering bij tegenstrijdig belang.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en bevestigt dat onbevoegde vertegenwoordiging leidt tot ongeldigheid van rechtshandelingen en dat een beroep daarop niet verjaart.