ECLI:NL:PHR:2008:BC2331
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt veroordeling medeplegen diefstal sleutelbos wegens onvoldoende bewijs
De zaak betreft een veroordeling door het Gerechtshof te 's-Gravenhage van verdachte wegens medeplegen van diefstal met braak van een sleutelbos uit een bedrijfsgebouw te Leiden. Het hof legde een gevangenisstraf van vier maanden op, waarvan een maand voorwaardelijk.
De Hoge Raad onderzocht of uit de bewijsmiddelen kon worden afgeleid dat verdachte bewust en nauw samenwerkte met een medeverdachte bij het wegnemen van de sleutelbos. Uit verklaringen van betrokkenen, politieprocessen-verbaal en getuigenverklaringen bleek dat verdachte aanwezig was op de plaats delict en vluchtte bij de komst van de politie, maar dat niet kon worden vastgesteld dat hij daadwerkelijk deelnam aan het wegnemen van de sleutelbos.
De verklaring van verdachte en medeverdachte, alsmede de getuigenverklaringen, wezen erop dat de medeverdachte de sleutelbos pakte zonder dat verdachte daarbij betrokken was. Ook het feit dat verdachte een helm droeg en donkere kleding had, duidde op een poging tot herkenningsvermijding, maar niet op medeplegen.
Het hof gaf onvoldoende motivering voor de bewezenverklaring van medeplegen. De Hoge Raad concludeerde dat het bewijs ontoereikend is om medeplegen vast te stellen en vernietigde het arrest. De zaak werd terugverwezen naar het hof voor hernieuwde behandeling in hoger beroep.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs voor medeplegen en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde behandeling.