ECLI:NL:PHR:2008:BC5602
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet tot stand gekomen overeenkomst en onrechtmatige daad curator in faillissementsprocedure
In deze zaak staat centraal de vraag of tussen eiseres en de curator een geldige overeenkomst is gesloten op 18 december 2002, waarbij eiseres afstand zou doen van bepaalde vorderingen en licenties ten behoeve van de failliete boedel.
De rechtbank oordeelde aanvankelijk dat de overeenkomst wel tot stand was gekomen, maar het hof vernietigde dit oordeel en stelde vast dat geen overeenkomst was gesloten. Eiseres vorderde daarnaast schadevergoeding wegens onrechtmatig handelen van de curator, waaronder het leggen van conservatoir beslag en dreiging met executie.
De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het hof dat geen overeenkomst tot stand is gekomen, omdat de curator dit niet heeft bewezen en eiseres haar stelplicht heeft vervuld. Daarnaast wordt geoordeeld dat het handelen van de curator, waaronder het leggen van beslag en het dreigen met het in bewaring stellen van de echtgenoot van eiseres, niet onrechtmatig is, omdat dit binnen de wettelijke bevoegdheden valt en eiseres onvoldoende heeft gesteld over schade of onrechtmatigheid.
De Hoge Raad wijst ook klachten af over de motivering van het hof en over de proceskostenveroordeling. De procedure wordt daarmee afgesloten met een bevestiging van het arrest van het hof.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat geen overeenkomst tot stand is gekomen en dat het handelen van de curator niet onrechtmatig is.