ECLI:NL:PHR:2008:BC5688
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Onredelijkheid gebondenheid aan hertaxatie bij doorontwikkelde hagelschade erwten
De zaak betreft een geschil tussen een verzekerde, die hagelschade aan erwten had geleden, en haar verzekeraar Agriver over de hoogte van de schadevergoeding. De verzekerde had de schade eerst laten taxeren op 30%, vervolgens een hertaxatie laten uitvoeren die 40% schade vaststelde. Kort daarna bleek de schade echter 100% te zijn, omdat de erwten door de hagelschade niet meer afgenomen konden worden en ondergeploegd moesten worden.
De verzekerde vorderde een aanvullende schadevergoeding tot 100%, terwijl Agriver vasthield aan de bindende hertaxatie van 40%. De rechtbank wees de vordering af, maar het hof vernietigde dit en oordeelde dat het gebruik in de hagelverzekeringsbranche om dossiers te heropenen bij doorontwikkeling van schade ook voor Agriver geldt. Het hof vond het daarom onaanvaardbaar dat de verzekerde gebonden zou zijn aan de hertaxatie.
In cassatie werd betoogd dat Agriver niet gebonden is aan branchegebruik en dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom heropening van dossiers ook voor Agriver geldt. De Hoge Raad verwierp deze klachten en bevestigde dat branchegebruik relevant is voor de vraag of gebondenheid aan een deskundigentaxatie onaanvaardbaar is. Ook oordeelde de Hoge Raad dat de snelle doorontwikkeling van hagelschade een onvoorziene omstandigheid vormt die heropening rechtvaardigt.
De Hoge Raad concludeert dat het hof terecht heeft geoordeeld dat de verzekerde niet aan de hertaxatie gebonden is en dat Agriver tot betaling van een aanvullende schadevergoeding is veroordeeld.
Uitkomst: De verzekerde is niet gebonden aan de hertaxatie en krijgt een aanvullende schadevergoeding toegekend.