ECLI:NL:PHR:2008:BD4859
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens nalaten onderzoek afwezigheid raadsman in hoger beroep
In deze zaak werd verdachte bij verstek veroordeeld door het Gerechtshof 's-Gravenhage wegens het opzettelijk nalaten van het tijdig verstrekken van benodigde gegevens. Verdachte en zijn raadsman verschenen niet bij de terechtzitting in hoger beroep. Hoewel de appeldagvaarding aan verdachte persoonlijk was uitgereikt en een kennisgeving aan de raadsman was gehecht, bleek uit het dossier niet dat deze kennisgeving daadwerkelijk was verzonden.
De raadsman van verdachte had een brief gestuurd waarin hij zich als raadsman bekendmaakte en om toezending van stukken verzocht. Het hof was hiervan op de hoogte, maar stelde geen onderzoek in naar de afwezigheid van de raadsman bij de zitting. Het middel van cassatie klaagde terecht dat het hof hiermee het voorschrift van art. 51 lid 2 Sv Pro had geschonden.
De Procureur-Generaal concludeerde tot vernietiging van het arrest en terugwijzing van de zaak naar het hof voor een nieuwe behandeling. De Hoge Raad volgde dit advies en vernietigde het arrest, waarbij het hof wordt opgedragen het beroep opnieuw te behandelen met inachtneming van de juiste procesvoorschriften.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nieuwe berechting.