ECLI:NL:PHR:2008:BD6402
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ziekelijke stoornis en oplegging maatregel terbeschikkingstelling na mishandeling en bedreiging
De verdachte werd door het hof veroordeeld voor mishandeling en meervoudige bedreiging van slachtoffers binnen zijn familiekring, waaronder het schoppen en gooien van een peer tegen het hoofd van zijn toenmalige vriendin. Daarnaast bedreigde hij deze en andere betrokkenen met een mes en brandstichting, wat grote angst veroorzaakte.
Het hof stelde vast dat verdachte leed aan een ernstige gedragsstoornis met kenmerken van achterdocht, agressiviteit en antisociale trekken, die doorwerkte in zijn denken, voelen en handelen, vooral in intermenselijke relaties. Ondanks dat de verdachte niet meewerkte aan het psychiatrisch onderzoek, achtte het hof het aannemelijk dat de stoornis een rol speelde bij zijn gedrag, waardoor hij niet volledig toerekeningsvatbaar was.
De Hoge Raad toetste in cassatie uitsluitend de begrijpelijkheid van het oordeel over de ziekelijke stoornis en bevestigde dat het hof dit terecht aannam. Ook oordeelde de Hoge Raad dat het opleggen van de maatregel van terbeschikkingstelling met verpleging gerechtvaardigd is vanwege het hoge risico op herhaling en de noodzaak de veiligheid van anderen te waarborgen.
De klachten van de verdediging over onvoldoende motivering werden verworpen. De Hoge Raad wees het cassatieberoep af en bevestigde het hofarrest.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen; de veroordeling en TBS-maatregel blijven in stand.