ECLI:NL:PHR:2008:BD7085
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsaneringsregeling wegens ernstige tekortkoming in informatieplicht
De zaak betreft het hoger beroep van een schuldenaar tegen het arrest van het gerechtshof Amsterdam dat de tussentijdse beëindiging van zijn schuldsaneringsregeling bevestigde. Het hof oordeelde dat de schuldenaar ernstig tekort was geschoten in zijn informatieplicht jegens de bewindvoerder, onder meer door onduidelijkheden over huurbetalingen, het zonder overleg verkopen en kopen van woningen, het niet verantwoorden van opbrengsten uit woningverkoop, het treffen van regelingen met schuldeisers zonder medeweten van de bewindvoerder en het verrichten van werkzaamheden zonder toestemming.
De schuldenaar was bij de rechtbank al in staat van faillissement verklaard nadat de schuldsaneringsregeling was beëindigd. Hij kwam tegen het arrest van het hof in cassatie met drie klachten. De Hoge Raad verwierp deze klachten, waarbij werd bevestigd dat de informatieplicht van de schuldenaar ook feiten en omstandigheden vóór de toelating tot de regeling betreft. Tevens werd geoordeeld dat de door het hof gegeven overweging over benadeling van schuldeisers overbodig was omdat de beëindiging reeds op de informatieplicht was gebaseerd.
De Hoge Raad concludeerde dat de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling terecht was en wees het cassatieberoep af. Hiermee blijft de schuldenaar in faillissement en wordt de regeling niet voortgezet.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling wegens ernstige tekortkomingen in de informatieplicht van de schuldenaar.