ECLI:NL:PHR:2008:BG1646
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vermindering ontnemingsbedrag na vrijspraak wegens technische vrijspraak in diefstalzaak
In deze zaak heeft het Gerechtshof Arnhem betrokkene veroordeeld tot betaling van €12.653,20 ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. Betrokkene was echter in de hoofdzaak vrijgesproken van het onder 5 primair en subsidiair tenlastegelegde feit, namelijk medeplegen van diefstal en opzet- of schuldheling van een oplegger en materialen.
Het Hof had desalniettemin het voordeel uit dit feit, aangeduid als 'zaak 9' of 'heling circuswagen', ter waarde van €1.300,- betrokken bij de berekening van het ontnemingsbedrag. De Hoge Raad oordeelt dat dit onjuist is, mede gelet op jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens en eerdere uitspraken van de Hoge Raad, die bepalen dat ook bij een technische vrijspraak het ontnemen van voordeel uit dat feit niet is toegestaan.
De Hoge Raad vernietigt daarom het deel van het arrest waarin dit bedrag is betrokken en vermindert het te betalen bedrag tot €11.353,-. Voor het overige wordt het beroep verworpen. De zaak betreft een belangrijke verduidelijking van het recht op ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel in het licht van vrijspraken.
Uitkomst: Het te betalen ontnemingsbedrag wordt verminderd met €1.300,- wegens onterecht betrokken voordeel uit een vrijgesproken feit.