ECLI:NL:PHR:2008:BG2139
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor diefstal met geweld en toerekening dood slachtoffer op Sint Maarten
Op 13 februari 2006 pleegde verdachte samen met anderen een gewelddadige diefstal op het Nederlands Antilliaanse deel van Sint Maarten, waarbij een schoudertas met geld en persoonlijke eigendommen werd weggenomen. Tijdens deze diefstal werd het slachtoffer, echtgenoot van het benadeelde, door een mededader met een vuurwapen neergeschoten en overleed ter plaatse.
Het Hof heeft bewezen verklaard dat verdachte medepleegde aan deze diefstal met geweld en dat de dood van het slachtoffer als gevolg van deze diefstal aan verdachte kan worden toegerekend, ook al wist verdachte niet van het vuurwapen. De Hoge Raad bevestigt deze toerekening op basis van jurisprudentie en wetsgeschiedenis, waarbij medeplegen gelijk wordt gesteld aan het handelen van de pleger.
Een middel dat stelde dat het slachtoffer niet bedreigd zou zijn, wordt verworpen omdat het Hof de bewezenverklaring kan verbeteren door de bedreiging van het slachtoffer weg te laten zonder de ernst van het feit aan te tasten. De Hoge Raad constateert wel dat de redelijke termijn voor de procedure is overschreden en vermindert daarom de straf. Het beroep wordt verder afgewezen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling voor diefstal met geweld met dodelijk gevolg en vermindert de straf wegens overschrijding van de redelijke termijn.