ECLI:NL:PHR:2009:BG6593
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling minderjarige voor medeplegen opzettelijk brandstichten met gemeen gevaar
In deze jeugdzaak heeft het gerechtshof te 's-Gravenhage de minderjarige verdachte veroordeeld wegens medeplegen van opzettelijk brandstichten waarbij gemeen gevaar voor goederen en levensgevaar voor anderen werd veroorzaakt. Het hof legde een voorwaardelijke jeugddetentie van één week op, met de bijzondere voorwaarde dat de verdachte zich zal gedragen naar de aanwijzingen van Bureau Jeugdzorg. Daarnaast werd een werkstraf van 80 uren opgelegd, subsidiair 40 dagen hechtenis.
De verdediging voerde onder meer aan dat de verklaringen van een medeverdachte tegenstrijdig en onbetrouwbaar waren en dat het hof ten onrechte van een uitdrukkelijk onderbouwd standpunt was afgeweken zonder voldoende motivering. Ook werd geklaagd dat het hof zich baseerde op niet in de bewijsmiddelen vermelde gegevens zonder die nauwkeurig te onderbouwen.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof voldoende gemotiveerd heeft waarom het de verklaringen van de medeverdachte tot bewijs heeft gebezigd en dat de overige bewijsmiddelen de twijfel over de daderschap van de verdachte wegnemen. Voorts is het hof gerechtigd geweest om begrijpelijke gevolgtrekkingen te maken uit de verklaringen van de verdachte zelf, ook al zijn die niet expliciet in de bewijsmiddelen opgenomen. Beide cassatiemiddelen worden verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.
Uitkomst: De minderjarige verdachte is veroordeeld tot één week voorwaardelijke jeugddetentie en 80 uren werkstraf wegens medeplegen van opzettelijk brandstichten.