ECLI:NL:PHR:2009:BG6631
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt voorwaardelijk opzet bij dodelijk verkeersongeval onder invloed van alcohol
Op 25 augustus 2006 veroorzaakte verdachte een ernstig verkeersongeval te Den Haag waarbij twee inzittenden van een andere auto om het leven kwamen en meerdere personen zwaar gewond raakten. Verdachte reed met een bloedalcoholgehalte tussen 2,1 en 2,4 mg/ml met een snelheid van circa 140 km/u door een rood verkeerslicht en negeerde herhaaldelijk waarschuwingen om niet te rijden vanwege zijn dronkenschap.
Het Hof oordeelde dat verdachte zich bewust was van de aanmerkelijke kans op dodelijke gevolgen voor anderen, zichzelf en zijn vriendin, en dat hij dit op de koop toe nam. Dit ondanks dat verdachte vlak voor de botsing nog remde, hetgeen het Hof niet als bewijs zag dat het opzet ontbrak. Verdachte herinnerde zich niets van de rit vanaf het moment dat hij de bar verliet.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat het bewijs van voorwaardelijk opzet op de doodslag standhoudt. De Hoge Raad benadrukte dat de onverschilligheid van verdachte ten aanzien van de gevolgen van zijn gedrag en de ernstige waarschuwingen hem niet vrijpleiten. De remactie vlak voor de botsing deed hieraan niets af omdat de situatie toen al potentieel dodelijk was geworden.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot negen jaar gevangenisstraf wegens meervoudige doodslag met voorwaardelijk opzet in het verkeer.