ECLI:NL:PHR:2009:BH1442
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt schuld bij door rood rijden met zwaar letsel tot gevolg
De verdachte werd door het Gerechtshof Leeuwarden veroordeeld wegens overtreding van artikel 6 van Pro de Wegenverkeerswet 1994, omdat zij door rood licht reed en een bromfietser aanreed, die zwaar lichamelijk letsel opliep. De Hoge Raad behandelde het cassatieberoep tegen deze veroordeling.
De zaak draaide om de vraag of uit de bewijsmiddelen voldoende schuld kon worden afgeleid. De Hoge Raad benadrukte dat schuld in deze context grove schuld betreft, waarbij het gaat om het geheel van gedragingen, ernst en omstandigheden. De verdachte verklaarde de verkeerslichten niet te hebben gezien, wat niet als momentane onoplettendheid kan worden beschouwd, aangezien verkeerslichten van verre zichtbaar zijn.
Getuigenverklaringen en proces-verbalen bevestigden dat de verdachte door rood reed terwijl fietsers en een bromfietser overstaken. De verdachte gaf aan door privé-omstandigheden afgeleid te zijn. Het hof achtte dit onvoldoende voor disculpatie. De Hoge Raad verwierp het cassatiemiddel en bevestigde de bewezenverklaring van schuld.
De Hoge Raad wees ook op eerdere jurisprudentie waarin momentane onoplettendheid onvoldoende was voor bewezenverklaring van schuld, maar waarbij het niet zien door afleiding of omstandigheden wel tot schuld leidde. De strafoplegging werd ambtshalve verminderd vanwege de overschrijding van de redelijke termijn.
De Hoge Raad handhaafde het oordeel dat de verdachte aanmerkelijk onoplettend en onvoorzichtig handelde, wat leidde tot het ongeval en het zware letsel van de bromfietser.
Uitkomst: Hoge Raad bevestigt schuld van verdachte voor door rood rijden met zwaar letsel en wijst cassatieberoep af.