ECLI:NL:PHR:2009:BH2198
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens niet-tijdig indienen middelen
Het Gerechtshof te Amsterdam heeft verdachte veroordeeld tot 34 maanden gevangenisstraf wegens deelneming aan een criminele organisatie en medeplegen van het onjuist doen van belastingaangifte. Verdachte stelde tijdig beroep in cassatie in tegen dit arrest.
Ondanks een geldige aanzegging conform artikel 435, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering, heeft verdachte geen raadsman gesteld en zijn geen middelen van cassatie ingediend. Volgens artikel 437, tweede lid, Sv, moeten middelen van cassatie binnen twee maanden na betekening van de aanzegging door een raadsman worden ingediend.
Omdat deze termijn niet is nageleefd, wordt verdachte niet-ontvankelijk verklaard in zijn cassatieberoep. Deze conclusie leidt tot het einde van de procedure bij de Hoge Raad in deze zaak.
Uitkomst: Verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in cassatie wegens het niet tijdig indienen van middelen.