ECLI:NL:PHR:2009:BI4699
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest wegens onvoldoende motivering bewezenverklaring hennepteelt
Verdachte werd door het gerechtshof veroordeeld voor het opzettelijk telen van 800 hennepplanten in een gehuurd pand aan een adres in een Nederlandse plaats. Het hof baseerde zich onder meer op het feit dat verdachte het pand had gehuurd en dat in dat pand een hennepkwekerij was aangetroffen. Verdachte verklaarde dat hij het pand slechts kort bewoonde en het daarna aan twee mannen had onderverhuurd, maar wilde hun namen niet noemen. Het hof achtte deze verklaring ongeloofwaardig en veroordeelde verdachte.
In cassatie klaagde verdachte over de motivering van de bewezenverklaring, met name dat het hof onvoldoende had onderbouwd dat verdachte zelf de hennep had geteeld. De Hoge Raad oordeelde dat het hof niet had toegelicht waarom de enkele aanwezigheid van de hennepkwekerij in het gehuurde pand en de ongeloofwaardigheid van de verklaring van verdachte voldoende bewijs vormden voor het bewezenverklaarde.
De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest en verwees de zaak terug naar het hof voor een nieuwe beoordeling. Tevens werd opgemerkt dat de redelijke termijn in cassatie was overschreden, wat aanleiding kan zijn tot ambtshalve strafvermindering. De advocaat-generaal merkte op dat verdachte ter terechtzitting in hoger beroep anders had verklaard dan in eerste aanleg.
Uitkomst: Het arrest van het gerechtshof wordt vernietigd vanwege onvoldoende motivering van de bewezenverklaring en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling.