ECLI:NL:PHR:2009:BI5634
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt bewezenverklaring poging diefstal en diefstal in trein met modus operandi als schakelbewijs
Het gerechtshof te 's-Gravenhage heeft verzoeker bij arrest van 6 juli 2007 veroordeeld wegens poging tot diefstal door twee of meer verenigde personen en meervoudige diefstal in een trein. De feiten betroffen het afleiden van slachtoffers door muntgeld op de grond te gooien en het wegnemen van tassen en persoonlijke eigendommen.
Verzoeker stelde in cassatie dat het hof ten onrechte zijn verklaring over de modus operandi als schakelbewijs had gebruikt om de feiten bewezen te verklaren. Volgens hem kon zonder die verklaring de bewezenverklaring niet worden afgeleid uit de overige bewijsmiddelen.
De Hoge Raad overwoog dat het hof kennelijk bij vergissing niet had betrokken dat de modus operandi ook uit een ander bewezen feit bleek, en dat deze werkwijze als toelaatbaar schakelbewijs kon dienen. Met deze verbeterde lezing achtte de Hoge Raad het bewijs voldoende voor bewezenverklaring van de feiten.
De klacht faalde en het cassatieberoep werd verworpen. Er werden geen ambtshalve gronden voor vernietiging aangetroffen. De strafrechtelijke veroordeling bleef daarmee in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling wegens poging tot diefstal en diefstal in vereniging met gebruik van modus operandi als schakelbewijs.