ECLI:NL:PHR:2009:BI6269
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Nietigverklaring rechtshandelingen die afbreuk doen aan gemeentelijk voorkeursrecht bij overdracht economisch belang en beschikkingsmacht
In deze zaak staat de uitleg en toepassing van artikel 26 lid 1 van Pro de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) centraal, dat gemeenten de bevoegdheid geeft om nietigheid in te roepen van rechtshandelingen die met kennelijke strekking afbreuk doen aan hun voorkeurspositie. De casus betreft een perceel grond waarop de gemeente Nunspeet een voorkeursrecht heeft gevestigd. De eigenaar heeft met ontwikkelaars overeenkomsten gesloten en hypotheken gevestigd, waarbij het economisch belang en de beschikkingsmacht over de grond feitelijk aan de ontwikkelaars zijn overgedragen.
De rechtbank heeft deze rechtshandelingen, waaronder de hypotheekverlening, nietig verklaard wegens schending van het gemeentelijk voorkeursrecht. Het hof heeft dit oordeel bevestigd en verduidelijkt dat het criterium van 'kennelijke strekking' in art. 26 lid 1 Wvg Pro vervuld is zodra sprake is van overdracht van economisch belang en beschikkingsmacht, zonder dat een afzonderlijke toets aan de strekking vereist is.
De Hoge Raad bevestigt deze uitleg en overweegt dat het voorkeursrecht een verwervingsvoorrang inhoudt en bedoeld is om gemeentelijke regie en prijsopdrijving te voorkomen. De overdracht van economisch belang en beschikkingsmacht aan derden, ook via complexe constructies zoals hypotheken, kan de voorkeurspositie van de gemeente frustreren en is daarom vernietigbaar. De Hoge Raad wijst ook op het belang van rechtszekerheid en de grenzen van het toepassingsbereik van art. 26 Wvg Pro, onder meer ten aanzien van rechtshandelingen die zijn ingeschreven vóór het ontstaan van het voorkeursrecht.
De uitspraak bevestigt dat hypotheekovereenkomsten onder omstandigheden op grond van art. 26 Wvg Pro kunnen worden vernietigd wanneer zij deel uitmaken van een constructie die het voorkeursrecht van de gemeente omzeilt. De Hoge Raad benadrukt dat het criterium van 'kennelijke strekking' een objectief toetsingskader biedt, waarbij de feitelijke overdracht van beschikkingsmacht en economisch belang doorslaggevend is.
Deze beslissing biedt belangrijke jurisprudentiële duidelijkheid over de reikwijdte van het gemeentelijk voorkeursrecht en de toetsing van rechtshandelingen die dit recht kunnen frustreren, met name in de context van complexe vastgoedtransacties en ontwikkelingsprojecten.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de nietigverklaring van rechtshandelingen die met overdracht van economisch belang en beschikkingsmacht aan derden het gemeentelijk voorkeursrecht schenden, inclusief hypotheekovereenkomsten.