ECLI:NL:PHR:2009:BI6711
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens medeplegen valsheid in geschrift bij aanvraag verblijfsvergunning
De zaak betreft de strafrechtelijke vervolging van een verdachte die samen met anderen valse formulieren (model M35-A) heeft ingediend bij de Vreemdelingendienst met onjuiste woonadressen van aanvragers van verblijfsvergunningen. Het hof heeft bewezen verklaard dat de formulieren vals waren en dat het oogmerk bestond deze als echt te gebruiken. De verdediging voerde onder meer aan dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk zou moeten zijn omdat de Vreemdelingendienst op de hoogte was van de onjuiste adressen maar niet handelde. Dit verweer werd verworpen omdat de Vreemdelingendienst geen bestuursrechtelijke mogelijkheden had om in te grijpen en het strafrecht niet werd uitgesloten.
De Hoge Raad bevestigde dat het formulier M35-A een geschrift is dat bestemd is om tot bewijs van enig feit te dienen, omdat het een aanvraag betreft die van belang is voor de rechtspositie van de aanvrager. De valsheid bestond uit het bewust onjuist invullen van het woonadres, dat volgens het hof de woon- of verblijfplaats betreft. Het oogmerk om het geschrift als echt te gebruiken werd bewezen geacht, ook al waren medewerkers van de Vreemdelingendienst op de hoogte van de valsheid. De Hoge Raad verwierp alle cassatiemiddelen en oordeelde dat de strafvermindering wegens overschrijding van de redelijke termijn gepast was.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling wegens medeplegen valsheid in geschrift met strafvermindering wegens termijnoverschrijding.