ECLI:NL:PHR:2009:BI7135
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid voor schulden na aandelenoverdracht en vrijwaringsplicht
Leisureplan B.V. was tot 11 september 2001 houdster van aandelen in F&B Leisure B.V. en Zeedierenpark Harderwijk B.V., die respectievelijk Avonturenpark Hellendoorn en Dolfinarium Harderwijk exploiteerden. Op 11 september 2001 droeg Leisureplan deze aandelen over aan Harderwijk Hellendoorn Holding B.V. (HHH), eigendom van Grévin et Compagnie S.A. (Grévin). Ten tijde van de overdracht hadden F&B en APH aanzienlijke schulden bij Rabobank en [A] B.V., waarvoor Leisureplan hoofdelijk aansprakelijk was.
Tijdens onderhandelingen werd gesproken over een vrijwaring van Leisureplan door HHH en Grévin voor deze schulden, maar deze is niet schriftelijk vastgelegd in de Share Purchase Agreement (SPA). Rabobank sommeerde tot betaling en startte procedures tegen Leisureplan. Leisureplan vorderde in eerste aanleg dat HHH en Grévin aansprakelijk worden gesteld voor de schulden, stellende dat zij een contractuele en onrechtmatige verplichting tot vrijwaring hadden.
Het hof oordeelde dat uit de SPA, het onderhandelingstraject en de koopprijsbepaling geen impliciete vrijwaringsverplichting kon worden afgeleid. Leisureplan slaagde er niet in bewijs te leveren van een mondelinge toezegging. De vorderingen werden afgewezen. In cassatie werd onder meer geklaagd over onvoldoende motivering van het hof met betrekking tot stellingen over samenspanning met Rabobank, hetgeen door de Hoge Raad als onvoldoende gemotiveerd werd aangemerkt en aanleiding gaf tot vernietiging van dat deel van het arrest.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het deel van het arrest dat het hof onvoldoende motiveerde over samenspanning met Rabobank; overige klachten worden verworpen.