ECLI:NL:PHR:2009:BJ1755
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Herziening wegens persoonsverwisseling bij veroordeling op grond van Opiumwet
De politierechter te Haarlem heeft aanvrager bij verstek veroordeeld tot acht maanden gevangenisstraf wegens opzettelijk handelen in strijd met het verbod van artikel 2, onder B, van de Opiumwet. Tegen deze veroordeling is een aanvraag tot herziening ingediend op grond van drie nieuwe omstandigheden die wijzen op persoonsverwisseling.
De eerste omstandigheid betreft de verklaring van verbalisanten die de aangehouden verdachte op 6 juli 2007 niet herkenden als aanvrager. Ten tweede is er een gelijkenis tussen de verdachte van 6 juli 2007 en een andere persoon die op 17 juni 2007 bij een verkeerscontrole is aangehouden. Ten slotte komen de vingerafdrukken van aanvrager niet overeen met die van de aangehouden persoon op 5 juli 2007.
Op basis van deze feiten en bewijsmiddelen oordeelt de Hoge Raad dat er een ernstig vermoeden bestaat dat de veroordeelde niet de juiste persoon is. Daarom wordt de aanvraag tot herziening gegrond verklaard, wordt de tenuitvoerlegging van het vonnis geschorst indien nodig, en wordt de zaak verwezen naar het gerechtshof Amsterdam voor hernieuwde behandeling volgens artikel 467, eerste lid, Sv.
Uitkomst: Aanvraag tot herziening gegrond verklaard wegens ernstige aanwijzingen van persoonsverwisseling; zaak verwezen naar gerechtshof voor hernieuwde behandeling.