ECLI:NL:PHR:2009:BK0869
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot niet-ontbinding huwelijk en herstel band nevenvoorzieningen na echtscheiding
In deze zaak heeft de rechtbank Amsterdam op verzoek van de man de echtscheiding uitgesproken met aanhouding van verdere beslissingen over partneralimentatie en nevenvoorzieningen betreffende de echtelijke huurwoning. De vrouw voerde hoger beroep met het verzoek de echtscheiding alsnog af te wijzen, stellende dat het huwelijk niet duurzaam was ontwricht en dat haar recht om gehuwd te blijven moest prevaleren.
Het gerechtshof Amsterdam heeft het hoger beroep afgewezen en de echtscheiding bekrachtigd. Het hof oordeelde dat duurzame ontwrichting vaststond omdat partijen al geruime tijd gescheiden leefden, de man een nieuwe partner had en verzoening uitgesloten was. Het hof verwierp ook het subsidiaire standpunt van de vrouw dat de band tussen de echtscheiding en de nevenvoorzieningen hersteld moest worden, omdat geen bijzondere omstandigheden waren aangevoerd.
De vrouw stelde in cassatie dat het hof ten onrechte haar belang bij het herstel van de band inzake de echtelijke woning en de onderhoudsbijdrage had verworpen. De Hoge Raad oordeelde dat het hof geen onjuiste rechtsopvatting had gegeven en dat de voorlopige voorzieningen in stand bleven totdat definitieve beslissingen waren genomen. Het cassatieberoep werd verworpen met toepassing van artikel 81 RO Pro.
De uitspraak bevestigt dat de echtscheiding op verzoek van één partij kan worden uitgesproken indien het huwelijk duurzaam is ontwricht en dat herstel van de band met nevenvoorzieningen slechts mogelijk is bij bijzondere omstandigheden. Dit arrest benadrukt het belang van duidelijke bewijsvoering voor het aanvoeren van dergelijke omstandigheden in hoger beroep.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de vrouw tegen het bekrachtigen van de echtscheiding en het afwijzen van herstel van de band met nevenvoorzieningen is verworpen.