ECLI:NL:PHR:2009:BK2158
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens wrakingsverzoek ex art. 512 Sv
In deze zaak heeft de advocaat van verdachte tijdens de terechtzitting van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch een wrakingsverzoek ingediend tegen het hof vanwege een betwiste uitleg van art. 283 Sv Pro. De wrakingskamer van het hof wees dit verzoek op 2 oktober 2008 af. Vervolgens stelde dezelfde advocaat op 8 oktober 2008 cassatie in bij de Hoge Raad en diende vier cassatiemiddelen in.
De Hoge Raad overwoog dat op grond van art. 515.5 Sv tegen een beslissing op een wrakingsverzoek geen rechtsmiddel openstaat. Gelet op eerdere jurisprudentie (HR 27 februari 2001, NJ 2001, 499) kan het cassatieberoep dan ook niet-ontvankelijk worden verklaard. De conclusie van de Procureur-Generaal strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het cassatieberoep.
De Hoge Raad bevestigt hiermee de onherroepelijkheid van beslissingen op wrakingsverzoeken en sluit de weg naar cassatie in deze situatie uit, waarmee de procedure wordt beëindigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een rechtsmiddel tegen de wrakingsbeslissing.