ECLI:NL:PHR:2010:BK8509
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Overschrijding redelijke termijn in cassatie leidt tot strafvermindering
Verzoeker is door het gerechtshof te Amsterdam veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie jaren en zes maanden wegens deelneming aan een criminele organisatie en meermalen medeplegen van uitvoer van hard- en softdrugs. Daarnaast zijn beslissingen genomen over in beslag genomen voorwerpen en de tenuitvoerlegging van een eerder opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf.
In cassatie is één middel voorgesteld dat klaagt over schending van art. 6, eerste lid, EVRM vanwege de overschrijding van de termijn voor het inzenden van de processtukken naar de Hoge Raad. Het beroep in cassatie werd ingesteld op 28 mei 2008, maar de stukken werden pas op 27 mei 2009 ontvangen, waardoor de zes-maandentermijn ruimschoots is overschreden.
De conclusie van de Procureur-Generaal is dat ook de termijn van zestien maanden waarbinnen de cassatieprocedure dient te zijn afgerond, is overschreden. Dit leidt tot de conclusie dat de bestreden uitspraak vernietigd moet worden voor wat betreft de strafoplegging, met als gevolg strafvermindering.
Uitkomst: De strafoplegging wordt vernietigd en verminderd vanwege overschrijding van de redelijke termijn in cassatie.