ECLI:NL:PHR:2010:BL3221

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
13 april 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
09/02680 J
Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 435 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens overschrijding termijn bij geweld tegen goederen

Verdachte werd door het Gerechtshof te 's-Gravenhage veroordeeld tot een werkstraf van 20 uur wegens openlijk in vereniging geweld plegen tegen goederen. Tegen dit vonnis stelde de raadsman cassatie in bij de Hoge Raad. De cassatieschriftuur werd echter pas op 26 oktober 2009 ontvangen, terwijl deze uiterlijk op de 60e dag na de aanzegging (24 augustus 2009) ingediend had moeten zijn, namelijk uiterlijk op 23 oktober 2009.

De Hoge Raad overwoog dat de aanzegging ex artikel 435, lid 1, Sv op 24 augustus 2009 was betekend, en dat de termijn strikt in acht genomen moet worden. Omdat de schriftuur niet binnen de wettelijke termijn was ingediend, werd het cassatieberoep niet-ontvankelijk verklaard.

Deze beslissing werd genomen ondanks een tussenarrest waarin de advocaat-generaal de gelegenheid kreeg nader te concluderen, vanwege onduidelijkheid over het tijdstip van betekening van de aanzegging. Uiteindelijk bleek dat de raadsman ervan was uitgegaan dat de aanzegging later was betekend dan daadwerkelijk het geval was.

De uitspraak benadrukt het belang van het strikt naleven van termijnen in cassatieprocedures en bevestigt dat overschrijding leidt tot niet-ontvankelijkheid van het beroep.

Uitkomst: Het cassatieberoep werd niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de termijn voor het indienen van de cassatieschriftuur.

Conclusie

Nr. 09/02680 J
Mr. Machielse
Zitting 2 februari 2010
Conclusie inzake:
[Verdachte]
1. Verdachte is op 23 januari 2009 door het Gerechtshof te 's-Gravenhage voor "Openlijk in vereniging geweld plegen tegen goederen" veroordeeld tot een werkstraf van 20 uur.
2. Mr. N.A. Koole, advocaat te Middelburg, heeft cassatie ingesteld. Mr. B. Vermeirssen, advocaat te Goes, heeft een schriftuur ingezonden, houdende drie middelen van cassatie.
3. De cassatieschriftuur is op maandag 26 oktober 2009 per fax ter griffie van de Hoge Raad ontvangen. De aanzegging ex artikel 435, lid 1, Sv is op 24 augustus 2009 betekend. De schriftuur had evenwel op de 60e dag na 24 augustus 2009, op vrijdag 23 oktober 2009, ter griffie van de Hoge Raad ontvangen moeten zijn. Nu binnen de door de wet gestelde termijn geen schriftuur is ingediend is het cassatieberoep niet-ontvankelijk.
4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijk verklaring van het beroep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden