ECLI:NL:PHR:2010:BL4100
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens ontbreken volmacht en ondertekening
De verdachte werd door het gerechtshof te 's-Hertogenbosch veroordeeld voor bedreiging, mishandeling, vernieling en poging tot dwang, met een gevangenisstraf van twee weken. Tegen dit arrest werd cassatieberoep ingesteld door de raadsman van de verdachte.
De Hoge Raad stelde vast dat de schriftuur van de raadsman niet was ondertekend en geen verklaring bevatte dat hij namens de verdachte bevoegd was het beroep in te stellen. Ondanks de geboden mogelijkheid om dit te herstellen, werd hieraan geen gehoor gegeven. Hierdoor voldeed de schriftuur niet aan de eisen van artikel 452 Sv Pro.
De Hoge Raad oordeelde daarom dat de verdachte niet in cassatie kan worden ontvangen. Een inhoudelijke behandeling van de middelen wees uit dat deze onvoldoende waren onderbouwd en faalden. De conclusie van de procureur-generaal was dan ook dat het cassatieberoep niet-ontvankelijk moet worden verklaard.
Uitkomst: Het cassatieberoep werd niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een rechtsgeldige schriftuur.