ECLI:NL:PHR:2010:BL6738
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging verbeurdverklaring geldbedrag wegens gebrek aan motivering door Hof
De verdachte werd door het gerechtshof veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf wegens het aanwezig hebben van heroïne en cocaïne en het voorhanden hebben van voorwerpen bestemd voor het plegen van een strafbaar feit volgens de Opiumwet. Tevens werd een geldbedrag van € 25.441,90 verbeurd verklaard.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof niet voldoende heeft gemotiveerd waarom het geldbedrag geheel of grotendeels door middel van het bewezenverklaarde strafbare feit is verkregen. Het hof speculeerde mogelijk dat het geld afkomstig was van de verkoop van drugs, maar deze verkoop was niet ten laste gelegd noch bewezenverklaard. Ook andere motieven, zoals bedrijfskapitaal, werden niet duidelijk gemotiveerd.
Daarom wordt het middel van cassatie gegrond verklaard en wordt de verbeurdverklaring van het geldbedrag vernietigd. De strafoplegging wordt ter heroverweging aan het hof terugverwezen. De overige onderdelen van het arrest blijven in stand.
Uitkomst: De verbeurdverklaring van het geldbedrag wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling.