ECLI:NL:PHR:2010:BL8803
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Uitlevering voor misbruik van verdovende middelen met dubbele strafbaarheid bevestigd
De zaak betreft een uitleveringsverzoek van Kroatië aan Nederland van een persoon verdacht van het kopen van een grote hoeveelheid cocaïne in de Filippijnen met het oog op illegale verkoop in Europa. De cocaïne werd ontdekt in een container in de haven van Rijeka. De rechtbank te Alkmaar verklaarde de uitlevering toelaatbaar, waarbij werd vastgesteld dat het Nederlandse recht het kopen van cocaïne met het oogmerk tot verkoop strafbaar stelt via artikel 10a van de Opiumwet.
De verdediging voerde aan dat het Nederlandse recht het kopen van cocaïne met intentie tot verkoop niet strafbaar stelt en dat de feitelijke omschrijving ontoereikend was. Ook werd betoogd dat het ontbreken van in- en uitreisstempels in het paspoort van de verdachte diens onschuld onverwijld aantoonde. De rechtbank verwierp deze verweren, stellende dat het vereiste van dubbele strafbaarheid niet vereist dat de buitenlandse en Nederlandse strafbepalingen volledig overeenkomen, maar dat zij hetzelfde rechtsgoed beschermen.
De Hoge Raad bevestigt deze beoordeling en oordeelt dat artikel 173 van Pro het Kroatische Wetboek van Strafrecht hetzelfde rechtsgoed beschermt als artikel 10a in samenhang met artikel 10 en Pro artikel 2 van Pro de Nederlandse Opiumwet. Tevens is het ontbreken van paspoortstempels onvoldoende om onschuld onverwijld aan te tonen, mede gezien het gebruik van valse reisdocumenten bij illegale activiteiten. Beide cassatiemiddelen worden verworpen, waarmee de uitlevering toelaatbaar blijft.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de toelaatbaarheid van uitlevering aan Kroatië wegens misbruik van verdovende middelen met voldoende dubbele strafbaarheid.