ECLI:NL:PHR:2010:BM0235
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens onvoldoende motivering opzet doodslag met messteken
In deze strafzaak heeft het Gerechtshof Amsterdam verdachte veroordeeld voor medeplegen van poging tot moord en diefstal. De verdachte zou [betrokkene 1] hebben uitgelokt tot het steken van het slachtoffer met een mes, waarbij het mes was geprepareerd om de steekdiepte te beperken.
De verdediging voerde onder meer aan dat de verklaringen van [betrokkene 1] onbetrouwbaar waren en dat de rapportages over zijn geestesgesteldheid aan het dossier toegevoegd moesten worden. Het hof wees dit verzoek af, oordelend dat de verklaringen voldoende betrouwbaar waren en dat kennisneming van de rapportages niet noodzakelijk was.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd dat [betrokkene 1] willens en wetens de aanmerkelijke kans op de dood van het slachtoffer heeft aanvaard. Hoewel het mes was omwikkeld om de steekdiepte te beperken, kan niet worden uitgesloten dat vitale organen geraakt konden worden. De motivering over de aanmerkelijke kans op overlijden en het opzet van [betrokkene 1] schiet tekort.
Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest voor zover het de bewezenverklaring en strafoplegging betreft en wijst de zaak terug aan het hof voor hernieuwde beoordeling op basis van het bestaande dossier.
Uitkomst: Het arrest wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van het bewezenverklaarde opzet en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling.