ECLI:NL:PHR:2010:BM2314
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Toetsing van legesheffingen voor verblijfsvergunningen aan het Aanvullend Protocol EEG-Turkije en bestuursrechtelijke rechtsgang
In deze zaak vorderen diverse vreemdelingenorganisaties de onverbindendverklaring van ministeriële regelingen die legesheffingen voor aanvragen tot verlening, wijziging en verlenging van verblijfsvergunningen hebben ingevoerd of verhoogd. De organisaties stellen dat deze regelingen in strijd zijn met onder meer het Aanvullend Protocol bij de Associatieovereenkomst EEG-Turkije, het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en de Gezinsherenigingsrichtlijn.
De rechtbank verklaarde de vorderingen grotendeels niet-ontvankelijk, omdat de organisaties geen eigen belang behartigen en de individuele vreemdelingen zelf via bestuursrechtelijke procedures de verbindendheid van de legesregelingen kunnen aanvechten. Het hof bevestigde dit, maar verklaarde de organisaties onder bepaalde voorwaarden ontvankelijk en oordeelde dat de substantiële legesverhogingen een verboden nieuwe beperking vormen in strijd met de standstill-bepalingen van het Aanvullend Protocol en het Besluit nr. 1/80 van de Associatieraad EEG/Turkije.
De Hoge Raad bevestigt dat vreemdelingenorganisaties slechts ontvankelijk zijn in civiele procedures indien geen bestuursrechtelijke rechtsgang met voldoende waarborgen openstaat voor de belangen die zij behartigen. De Hoge Raad oordeelt verder dat de legesverhogingen die aanzienlijk hoger zijn dan de leges voor vergelijkbare aanvragen van gemeenschapsburgers, een verboden beperking vormen en daarom onverbindend zijn. De toetsing aan de Gezinsherenigingsrichtlijn leidt tot de conclusie dat het heffen van leges geen onrechtmatige extra materiële voorwaarde vormt voor gezinshereniging.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de onverbindendverklaring van de legesverhogingen wegens strijd met het Aanvullend Protocol en stelt dat vreemdelingenorganisaties alleen ontvankelijk zijn indien geen bestuursrechtelijke rechtsgang openstaat.