ECLI:NL:HR:2010:BM2314
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- A. Hammerstein
- W.A.M. van Schendel
- C.A. Streefkerk
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Toegang tot burgerlijke rechter voor vreemdelingenorganisaties bij legesheffing verblijfsvergunningen
Deze zaak betreft een collectieve actie van verschillende vreemdelingenorganisaties tegen ministeriële regelingen die legesheffingen invoeren of verhogen voor aanvragen van verblijfsvergunningen. De organisaties vorderden de onverbindendverklaring van deze regelingen bij de burgerlijke rechter.
De Staat betoogde dat de organisaties niet ontvankelijk waren omdat zij geen eigen belang hadden en dat de rechtsbescherming van individuele vreemdelingen via de bestuursrechter moest verlopen. De rechtbank verklaarde de organisaties ontvankelijk, maar het hof bevestigde later dat alleen individuele vreemdelingen de bestuursrechtelijke rechtsgang kunnen benutten en dat de organisaties niet ontvankelijk waren.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof en verklaarde de vreemdelingenorganisaties niet-ontvankelijk omdat zij geen eigen belang hadden en de bestuursrechtelijke rechtsgang voor individuele vreemdelingen openstaat. De Hoge Raad benadrukte een behoorlijke taakverdeling tussen bestuursrechter en burgerlijke rechter en dat de organisaties alleen kunnen optreden als zij een eigen belang hebben dat niet via de bestuursrechter kan worden behartigd.
De Hoge Raad wees ook op het belang van doeltreffende dienstverlening aan de achterban, maar vond dat dit niet rechtvaardigt dat de organisaties de burgerlijke rechter kunnen inschakelen zonder eigen belang. De procedure werd afgesloten met een veroordeling van de organisaties in de proceskosten.
Uitkomst: Vreemdelingenorganisaties zonder eigen belang zijn niet-ontvankelijk in hun vorderingen bij de burgerlijke rechter inzake legesheffingen; alleen individuele vreemdelingen kunnen bestuursrechtelijke rechtsgang benutten.