ECLI:NL:PHR:2010:BM4331
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing wegens onbegrijpelijke strafoplegging bij winkeldiefstal
Verdachte werd door het hof veroordeeld voor winkeldiefstal en het opgeven van valse identiteitsgegevens. Het hof achtte bewezen dat verdachte kleding had weggenomen uit een warenhuis, waarbij prijskaartjes waren verwijderd en de kleding in tassen was verstopt. Verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf en een geldboete.
De verdediging stelde dat de wegneming niet voltooid was omdat de kleding in de winkel was achtergelaten. De Hoge Raad oordeelde dat de wegneming wel voltooid was op het moment dat verdachte de feitelijke heerschappij over de kleding had onttrokken, ook al was de kleding nog in de winkelruimte.
De Hoge Raad vernietigde echter het deel van het arrest betreffende de strafoplegging omdat het hof onbegrijpelijk had geoordeeld dat verdachte eerder onherroepelijk was veroordeeld, terwijl het uittreksel uit het justitiële documentatieregister alleen de onderhavige veroordeling bevatte. De zaak werd terugverwezen naar het hof voor een nieuwe strafoplegging.
De overige klachten van verdachte werden verworpen. De Hoge Raad vond geen aanleiding om ambtshalve te vernietigen.
Uitkomst: Het arrest wordt vernietigd voor wat betreft de strafoplegging en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.