ECLI:NL:PHR:2010:BM4394
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing verzoek tot aanhouding proces in mishandelingszaak
In deze zaak is verdachte door het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch veroordeeld tot een taakstraf wegens mishandeling. De raadsman van verdachte verzocht tijdens de terechtzitting van 2 juli 2008 om aanhouding van de behandeling om zijn pleitnota aan te passen aan de hand van het proces-verbaal van die zitting, waarin getuigen waren gehoord. Het hof wees dit verzoek af, stellende dat de zaak niet zo gecompliceerd was dat meer tijd nodig was en dat de raadsman ruim 45 minuten kreeg om zijn pleidooi aan te passen.
De raadsman stelde in cassatie dat het hof onjuist en onbegrijpelijk had gemotiveerd waarom het verzoek was afgewezen, mede omdat hij niet tijdig over het proces-verbaal beschikte. De Hoge Raad overwoog dat het feit dat het proces-verbaal nog niet was opgemaakt vóór het pleidooi niet betekent dat het recht op een behoorlijke verdediging is geschonden, omdat de raadsman en verdachte aanwezig waren bij de zitting en voldoende tijd kregen om zich te beraden.
Verder wees de Hoge Raad het middel af omdat de raadsman geen verzoek had gedaan tot aanvulling van de stukken met de pleitnota of verbetering van het proces-verbaal. De Hoge Raad bevestigde daarmee het oordeel van het hof dat het verzoek tot aanhouding terecht was afgewezen en verwierp het cassatieberoep.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het verzoek tot aanhouding van de behandeling is terecht afgewezen.