ECLI:NL:PHR:2010:BM5547
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek wegens persoonsverwisseling bij poging tot oplichting
De aanvrager is bij verstek veroordeeld tot een gevangenisstraf van vier weken wegens poging tot oplichting. Hij verzoekt herziening van deze veroordeling op grond van persoonsverwisseling, stellende dat zijn broer de feiten heeft gepleegd en daarbij zijn persoonsgegevens heeft gebruikt.
Ter onderbouwing zijn verklaringen van de broer overgelegd, waarin deze toegeeft zich voor de aanvrager te hebben uitgegeven bij politieaanhoudingen. Daarnaast is gedocumenteerd dat de aanvrager tijdens de verklaringen van zijn broer daadwerkelijk in detentie zat.
De Hoge Raad overweegt dat de aanvrage uitsluitend steunt op de verklaringen van de broer, die niet nader zijn onderbouwd. Dit is onvoldoende om een ernstig vermoeden te wekken dat de aanvrager onterecht is veroordeeld. Daarom wordt het verzoek tot herziening afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van persoonsverwisseling.