ECLI:NL:PHR:2010:BM6690
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt dat gekapitaliseerde waarde erfpachtrecht tot maatstaf van heffing omzetbelasting behoort
Belanghebbende verwierf het recht van erfpacht op een perceel grond met een in aanbouw zijnd kantoorpand. Bij de vestiging van het erfpachtrecht werd omzetbelasting in rekening gebracht. Na voltooiing nam belanghebbende het pand deels voor belaste en deels voor vrijgestelde verhuur in gebruik. Zij gaf op aangifte omzetbelasting aan over een maatstaf die de tijdens de bouw vervallen canon omvatte.
De Inspecteur stelde dat niet de tijdens de bouw vervallen canon, maar de gekapitaliseerde waarde van het erfpachtrecht tot de maatstaf van heffing behoort en legde een naheffingsaanslag op. Het Hof oordeelde dat slechts de tijdens de bouw vervallen canon in de maatstaf van heffing moet worden betrokken.
De Advocaat-Generaal concludeerde dat het erfpachtrecht als goed moet worden aangemerkt en dat de gekapitaliseerde waarde van de canon tot de maatstaf van heffing behoort. De Hoge Raad volgt deze conclusie en bevestigt dat de maatstaf van heffing de contante waarde van de toekomstige erfpachttermijnen moet omvatten, mede ter voorkoming van concurrentieverstoringen en in overeenstemming met de Zesde richtlijn omzetbelasting.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de gekapitaliseerde waarde van het erfpachtrecht tot de maatstaf van heffing van de omzetbelasting behoort.