ECLI:NL:PHR:2010:BM9625
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Geen ingebrekestelling zonder overeengekomen fatale termijn in verbintenissenrechtelijke zaak
De zaak betreft een geschil tussen de vennootschap onder firma Poolkaffee de Bonnefooi en de vennoten van een grafische onderneming over de uitvoering van een opdracht tot herinrichting van een horecagelegenheid.
De Bonnefooi vorderde terugbetaling van een betaalde termijn en schadevergoeding wegens tekortschieten van de wederpartij. De kern van het geschil was of een fatale termijn voor oplevering van de werkzaamheden was overeengekomen en of ingebrekestelling had plaatsgevonden.
De rechtbank oordeelde dat een ingebrekestelling niet nodig was omdat sprake was van een tekortschieten dat uitlatingen van de wederpartij aannemelijk maakten. Het hof stelde echter dat zonder een overeengekomen fatale termijn een ingebrekestelling vereist is en dat de brief aan de curator geen ingebrekestelling vormde.
De Hoge Raad bevestigde dat de brief niet als ingebrekestelling kan gelden omdat deze niet aan de schuldenaar was gericht en geen aanmaning of aansprakelijkheidsstelling bevatte. Bovendien was niet bewezen dat een fatale termijn was overeengekomen, zodat geen verzuim was ingetreden en de vordering van de Bonnefooi werd afgewezen.
Uitkomst: De Hoge Raad wijst het cassatieberoep af omdat geen ingebrekestelling heeft plaatsgevonden en geen fatale termijn was overeengekomen.