ECLI:NL:PHR:2010:BN0017
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens onvoldoende motivering afwijking van strafvorderingsrichtlijn bij drugsdelict
Verdachte werd verdacht van het opzettelijk bezit van 1,53 gram cocaïne. Volgens de toepasselijke richtlijnen, het Bos Polaris Systeem en de Richtlijn strafvordering Opiumwet, had de zaak met een geldtransactie van €350 kunnen worden afgedaan. Het Openbaar Ministerie besloot echter tot dagvaarding, wat door de verdediging werd bestreden als strijdig met de beleidsregels.
Het hof verwierp het verweer dat het OM niet-ontvankelijk verklaard moest worden, omdat de richtlijn geen dwingend karakter zou hebben en de afwijking gemotiveerd zou zijn. De Hoge Raad oordeelt echter dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom is afgeweken van de richtlijn, aangezien uit het proces-verbaal en het arrest niet blijkt wat de motivering van de advocaat-generaal was.
De Hoge Raad stelt dat de richtlijn strafvordering weliswaar niet dwingend is, maar dat gemotiveerde afwijking vereist is. Omdat het hof dit niet duidelijk heeft gemaakt en het belang van verdachte is geschaad, vernietigt de Hoge Raad het arrest en verwijst de zaak terug naar het hof voor hernieuwde berechting. Tevens wordt opgemerkt dat het OM alsnog een passend transactieaanbod kan doen.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van de afwijking van de strafvorderingsrichtlijn en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.