ECLI:NL:PHR:2010:BN0039
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt medeplegen uitvoer heroïne en cocaïne naar Groot-Brittannië
Verdachte werd door het Gerechtshof Amsterdam veroordeeld voor medeplegen van het opzettelijk uitvoeren van circa 12,8 kilogram heroïne en andere verdovende middelen naar Groot-Brittannië. Het hof baseerde zijn oordeel op gesprekken tussen verdachte en medeverdachten, waarin versluierd taalgebruik werd gehanteerd over drugstransporten en financiële afhandeling.
De verdediging stelde dat uit de bewijsmiddelen slechts wetenschap van het transport bleek, maar niet daadwerkelijke betrokkenheid. Het hof oordeelde echter dat verdachte niet alleen kennis had, maar ook actief betrokken was bij de organisatie en uitvoering van het transport, onder meer door contacten te leggen en financiële zaken te regelen.
Daarnaast was verdachte betrokken bij de nazorg na de aanhouding van een medeverdachte in Zwitserland, waarbij hij contact hield en zich zorgen maakte over de situatie. De Hoge Raad concludeert dat het cassatieberoep onvoldoende nieuwe argumenten bevat en bevestigt het oordeel van het hof, waarmee de veroordeling en straf gehandhaafd blijven.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling van verdachte tot vier jaar gevangenisstraf voor medeplegen van uitvoer van heroïne en cocaïne.