ECLI:NL:PHR:2010:BN9187
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing wegens onjuiste bewijsuitsluiting en onvoldoende motivering bij oplichting en diefstal
In deze strafzaak is verdachte door het hof Amsterdam veroordeeld voor meerdere feiten, waaronder oplichting en diefstal van verkeersborden. Het hof oordeelde onder meer dat sprake was van een samenweefsel van verdichtsels en gebruikte onder andere spiegelconfrontaties als bewijs.
De Hoge Raad stelt vast dat het hof ten onrechte geen beantwoording gaf op de vraag of de spiegelconfrontaties rechtmatig waren en of bewijsuitsluiting daarop van toepassing was, terwijl deze confrontaties wel als bewijs zijn gebruikt. Dit is in strijd met art. 359a Sv. Daarnaast is de bewezenverklaring van de diefstal van verkeersborden onvoldoende gemotiveerd omdat niet is vastgesteld dat de verdachte de verkeersborden door middel van verbreking onder zijn bereik heeft gebracht, zoals vereist volgens art. 311 Sr Pro.
De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest voor zover het betrekking heeft op de diefstal van verkeersborden en de oplichting met valse naam en hoedanigheid, en wijst de zaak terug aan het hof Amsterdam voor een nieuwe beoordeling. De overige middelen worden verworpen en de rest van het arrest blijft in stand.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd voor de feiten van diefstal verkeersborden en oplichting met valse naam wegens onjuiste bewijsuitsluiting en onvoldoende motivering, en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.