ECLI:NL:PHR:2010:BO2420
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over kennelijk onredelijk ontslag bij wijzigingsontslag met toestemming CWI
In deze arbeidsrechtelijke zaak stond centraal de vraag of een ontslag met toestemming van de Centrale organisatie Werk en Inkomen (CWI), gevolgd door herindienstneming op gewijzigde arbeidsvoorwaarden, kennelijk onredelijk is. De werknemer was beheerder bij Woonzorg en verrichtte naast zijn functie beschikbaarheidsdiensten die werden uitbesteed, waarna Woonzorg toestemming vroeg aan de CWI om de arbeidsovereenkomst te beëindigen en een nieuwe arbeidsovereenkomst aan te bieden met gewijzigde voorwaarden.
De kantonrechter had het ontslag kennelijk onredelijk geoordeeld en een schadevergoeding toegekend, maar het hof vernietigde dit en wees de vorderingen af. De werknemer stelde cassatie in tegen het oordeel dat het ontslag niet kennelijk onredelijk was, met name omdat het ontslag werd gebruikt om een wijziging van arbeidsvoorwaarden te effectueren zonder de verzwaarde toets die daarvoor geldt.
De Hoge Raad bevestigde dat een werkgever in beginsel een ontslagvergunning kan aanvragen en dat een ontslag met toestemming van de CWI niet per definitie kennelijk onredelijk is. Wel kan het gebruik van de ontslagvergunning voor een ander doel dan waarvoor deze is bedoeld, zoals het omzeilen van de rechtsbescherming bij wijziging van arbeidsvoorwaarden, meewegen bij het oordeel over kennelijke onredelijkheid. In dit geval was de ontslagvergunning onvoorwaardelijk verleend en was de nieuwe arbeidsovereenkomst aangeboden en geaccepteerd, zodat geen sprake was van een onrechtmatig gebruik. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat een wijzigingsontslag niet per definitie verboden is, maar dat het ontslag wel aan een verzwaarde toets moet voldoen als het een wijziging betreft die anders niet zou worden toegestaan.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen; het ontslag met toestemming van de CWI gevolgd door herindienstneming op gewijzigde arbeidsvoorwaarden is niet kennelijk onredelijk.