1 Het proces-verbaal van Politie Rotterdam-Rijnmond, documentcode 0804300030.AMB (blz. 3 en 4 van proces-verbaalnummer 2008144424), d.d. 30 april 2008, opgesteld door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 2], hoofdagent, inhoudende een relaas van die opsporingsambtenaar.
2 Het proces-verbaal van Politie Rotterdam-Rijnmond, documentcode 0804300020.AMB (blz. 1 en 2 van proces-verbaalnummer 2008144424), d.d. 30 april 2008, opgesteld door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 1], agent, inhoudende een relaas van die opsporingsambtenaar.
3 Zie voetnoot 1.
4 Het proces-verbaal van Politie Rotterdam-Rijnmond, documentcode 0804300027.AMB (blz. 7 en 8 van proces-verbaalnummer 2008144424), d.d. 30 april 2008, opgesteld door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 3], hoofdagent, alsmede een andere daartoe bevoegde opsporingsambtenaar, inhoudende een relaas van die opsporingsambtenaren.
5 Het proces-verbaal van Politie Rotterdam-Rijnmond, documentcode 0804302030.AMB (blz. 43 van proces-verbaalnummer 2008144424), d.d. 1 mei 2008, opgesteld door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 5], hoofdagent, alsmede een andere daartoe bevoegde opsporingsambtenaar, inhoudende een relaas van die opsporingsambtenaren.
6 Een rapport van het NFI, d.d. 29 juli 2008, opgesteld door A. Maes, arts en patholoog in samenhang bezien met het rapport van het NFI d.d. 24 juli 2008, opgesteld door R.C. Roepnarain, ingenieur.
7 De verklaring van de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep, alsmede het proces-verbaal van Politie Rotterdam-Rijnmond, documentcode 0805090948.V03 (blz. 187 tot en met 196 van proces-verbaalnummer 2008144424), d.d. 9 mei 2008, opgesteld door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 6], brigadier, alsmede een andere daartoe bevoegde opsporingsambtenaar, inhoudende de op 9 mei 2008 tegenover deze opsporingsambtenaren afgelegde verklaring van de verdachte.
8 Het proces-verbaal van Politie Rotterdam-Rijnmond, documentcode 0805011130.V01 (blz. 89 tot en met 93 van proces-verbaalnummer 2008144424), d.d. 1 mei 2008, opgesteld door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 7], hoofdagent, alsmede een andere daartoe bevoegde opsporingsambtenaar, inhoudende de op 1 mei 2008 tegenover deze opsporingsambtenaren afgelegde verklaring van [getuige 2]. En ook het proces-verbaal genoemd in voetnoot 8.
9 Zie voetnoot 8.
10 Het in voetnoot 9 genoemde proces-verbaal.
11 Het proces-verbaal van de Politie Rotterdam-Rijnmond, Forensische Opsporing, Xpolnummer 2008 144424, d.d. 3 juni 2008, opgesteld door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 7], inspecteur, alsmede andere daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.
12 Zie voetnoot 9. En ook het proces-verbaal van Politie Rotterdam-Rijnmond, documentcode 0804300300.V01 (blz. 84 tot en met 88 van proces-verbaalnummer 2008144424), d.d. 30 april 2008, opgesteld door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 8], hoofdagent, alsmede een andere daartoe bevoegde opsporingsambtenaar, inhoudende de op 30 april 2008 tegenover deze opsporingsambtenaren afgelegde verklaring van [getuige 2].
13 Zie voetnoot 9. En ook het proces-verbaal van Politie Rotterdam-Rijnmond, documentcode 0805011220.V02 (blz. 114 tot en met 121 van proces-verbaalnummer 2008144424), d.d. 1 mei 2008, opgesteld door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 9], hoofdagent, alsmede een andere daartoe bevoegde opsporingsambtenaar, inhoudende de op 1 mei 2008 tegenover deze opsporingsambtenaren afgelegde verklaring van [betrokkene 2].
14 Het proces-verbaal van Politie Rotterdam-Rijnmond, documentcode 0805011447.A01 (blz. 95 tot en met 97 van proces-verbaalnummer 2008144424), d.d. 1 mei 2008, opgesteld door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 10], brigadier, inhoudende de op 1 mei 2008 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [getuige 2]. En ook de op blz. 93 van proces-verbaal 2008144424 gerelateerde bevindingen van de verhorende verbalisanten.
15 Het proces-verbaal van Politie Rotterdam-Rijnmond, documentcode 0810281008.V03 (blz. 237 tot en met 241 van proces-verbaalnummer 2008144424), d.d. 28 oktober 2008, opgesteld door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 11], hoofdagent, alsmede een andere daartoe bevoegde opsporingsambtenaar, inhoudende de op 28 oktober 2008 tegenover deze opsporingsambtenaren afgelegde verklaring van de verdachte. Zie ook voetnoot 14.
16 Zie voetnoot 14. En ook het in voetnoot 15 genoemde procesverbaal. Als ook de op 21 oktober 2008 ten overstaan van de rechtercommissaris afgelegde verklaring van [getuige 2].
17 Blz. 239 van proces-verbaalnummer 2008144424.
18 De verklaring van de verdachte afgelegd ter terechtzitting in hoger beroep. En ook het proces-verbaal van Politie Rotterdam-Rijnmond, documentcode 0805090948.V03 (blz. 187 tot en met 196 van proces-verbaalnummer 2008144424), d.d. 9 mei 2008, opgesteld door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 6], brigadier, alsmede een andere daartoe bevoegde opsporingsambtenaar, inhoudende de op 9 mei 2008 tegenover deze opsporingsambtenaren afgelegde verklaring van de verdachte.
19 Het proces-verbaal van de terechtzitting in eerste aanleg, d.d. 22 april 2008.
20 H.J. Smidt, Geschiedenis van het Wetboek van Strafrecht, I, tweede druk, 1891, p. 87 (eerste druk, p. 80).
21 Zie hierover uitvoerig in het proefschrift van P.J.H.M. Brouns, Het opzet in het wetboek van strafrecht, 1988.
22 Zo kan de dader heel wel onzeker zijn over de kans van slagen van zijn streven.
23 Dat neemt uiteraard niet weg dat veelal bij materiële delicten zoals doodslag - het opzettelijk een ander van het leven beroven - het opzet niet alleen op de feitelijke handeling ziet, maar zijn inhoud van doelbewustheid tevens verkrijgt door het werkwoord (van het leven) beroven.
24 Als iemand door het aannemen van een valse naam een gevangenisstraf voor een ander uitzit, is dáárop zijn streven gericht en niet op het bewegen van het gevangenispersoneel tot afgifte van voedsel ten koste van de staat, zonder dat hij hiertoe enig recht had (dus oplichting; zie HR 5 januari 1982, LJN AB8977, NJ 1982, 232 m.nt. Van Veen).
25 W. Nieboer, Wetens en willens, 1978, p. 6.
26 Een voorbeeld van het type delict waarbij in de rechtspraak normativering plaatsvindt, zijn de Opiumdelicten. Bijvoorbeeld: onaannemelijk is te achten dat het de verdachte niet zou zijn opgevallen dat de deksels van de koffer opvallend dik waren en dat zij zwaarder waren dan van dergelijke koffers verwacht mocht worden (HR 19 december 1985, LJN AC8716, NJ 1985, 633). Op gond daarvan en onder aanhaling van de algemene bekendheid nam de Hoge Raad voorwaardelijk opzet op de invoer van een hoeveelheid heroïne aan.
27 De aanmerkelijke kans was eerder al door de Hoge Raad gebezigd in zijn formulering van voorwaardelijk opzet. Zie o.m. HR 3 januari 1978, LJN AB7152, NJ 1978, 627 en HR 14 september 1981, LJN AC3697, NJ 1981, 647 m.nt. Van Veen (in beide arresten: "zich welbewust heeft blootgesteld aan de aanmerkelijke kans"). Vermeldenswaard is overigens dat nóg eerder HR 6 mei 1969, AB3934, NJ 1970, 32 de culpa bij een onvoorzichtige loods aanwezig achtte vanwege de aanmerkelijke kans en het aanmerkelijke gevaar dat zijn adviezen zouden worden opgevolgd!
28 Zie hierboven punt 8.
29 Zo ook J. de Hullu, Materieel strafrecht, 2009, p. 231.
30 De Hullu (a.w., p. 232) wijst erop dat de diversiteit in rechtszaken maakt dat juridisch "het niet vruchtbaar is om teveel nadruk op precieze percentages te leggen".
31 Hoewel ik er meteen aan toevoeg dat het volgens de Hoge Raad gaat om de kans die naar algemene ervaringsregelen aanmerkelijk is te achten. Daarin lijkt de aard van het gevolg als medebepalend element niet (goed) te passen.
32 Zo al Hazewinkel-Suringa/Remmelink, Inleiding tot de studie van het Nederlandse strafrecht, twaalfde herziene druk, 1991, p. 191. Ook de toenmalige A-G Wortel verzuchtte in dit verband in zijn conclusie voor HR 6 september 2005, LJN AT2760, NJ 2006, 50 dat recente uitspraken van de Hoge Raad hem onzeker hadden gemaakt.
33 A.w., p. 234.
34 HR 24 februari 2004, LJN AO1498, NJ 2004, 375. Zie voor andere relevante arresten van de Hoge Raad over schietincidenten: HR 9 juni 1998, LJN ZD1062, NJ 1998, 731; HR 8 april 2003, LJN AF5405, NJ 2003, 554; en HR 22 juni 2004, LJN AO8320, NJ 2004, 561.
35 A.w., p. 237.
36 Mogelijk zal ik daarbij in een enkele korte herhaling vervallen, maar dat is dan ter wille van de duidelijkheid.
37 Zie HR 24 februari 2004, LJN AO1498, NJ 2004, 375.
38 Over de vraag of het 'aanvaarden' het willen of juist het weten impliceert bestaat verschil van mening tussen Van Dijk en Rozemond. Zie: A.A. van Dijk, Strafrechtelijke aansprakelijkheid heroverwogen, 2008, p. 426-427 (met nadruk op het weten); en K. Rozemond die daarentegen in zijn bespreking van dit boek van Van Dijk (in DD 2009, p. 218-239) de juridische accenten op het willen legt. Zo ingewikkeld hoeft het wat mij betreft niet te zijn: als uit de aard van de gedraging het wilsaspect de boventoon voert, includeert aanvaarden voornamelijk het willen, en zo mutatis mutandis ook bij het weet-aspect. Zo verstaan, kan 'aanvaarden' van kleur veranderen.
39 Ik kan mij voorstellen dat de inhoud van het begrip 'aanmerkelijke kans' soms ook afhankelijk is te stellen van de aard van het gevolg. Zie mijn voorbeeld onder punt 11.
40 Vgl. HR 25 maart 2003, LJN AE9049, NJ 2003, 552.
41 Zie voor (II) de punten 27 - 31 en voor (III) de punten 32 - 41.
42 Zie het arrest, p. 10.
43 Zie het arrest, p. 7.
44 Zie het arrest, p. 11.
45 Verzoeker heeft immers verklaard dat hij, vóórdat hij de eerste keer met het pistool tegen het hoofd van [getuige 2] had geslagen, had gecheckt of het was doorgeladen en geconstateerd dat dit niet het geval was.
46 Zie het arrest, p. 8.
47 Zie het proces-verbaal terechtzitting d.d. 17 september 2009, p. 5.
48 Ibidem.
49 Zie het proces-verbaal terechtzitting d.d. 17 september 2009, p. 6.
50 Zie het arrest, p. 11.
51 Zie het arrest, p. 7.
52 Zie het arrest, p. 12.
53 Vgl. HR 11 april 2006, LJN AU9130, NJ 2006, 393 (r.o. 3.8.2.(i)).
54 Zie het arrest, p. 11.
55 Zie ook het standpunt van de advocaat-generaal bij het hof, arrest p. 3).
56 Het proces-verbaal van Politie Rotterdam-Rijnmond, documentcode 0805090948.V03 (blz. 187 tot en met 196 van proces-verbaalnummer 2008144424), d.d. 9 mei 2008, opgesteld door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 6], brigadier, alsmede een andere daartoe bevoegde opsporingsambtenaar, inhoudende de op 9 mei 2008 tegenover deze opsporingsambtenaren afgelegde verklaring van de verdachte.
57 Naar mijn oordeel is (in casu) het trekken aan het stuur onder de gegeven omstandigheden niet direct als zodanig te kwalificeren.
58 Vgl. HR 20 september 2005, LJN AT8305, NJ 2006, 104.