ECLI:NL:PHR:2011:BO5986
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Indeling van bloedalbumine voor therapeutisch gebruik in douanetarief
In deze zaak staat centraal de vraag of bloedalbumine, gewonnen uit runderbloed en gebruikt als groeibodem bij de vervaardiging van therapeutische antilichamen, moet worden ingedeeld onder tariefpost 3002 10 99 of 3502 90 70 van de gecombineerde nomenclatuur (GN).
De bloedalbumine zelf heeft geen therapeutische of profylactische werking, maar is essentieel voor de productie van antilichamen die deze werking wel hebben. De Rechtbank en het Hof hebben geoordeeld dat het product, vanwege zijn onmisbaarheid, hoge kwaliteit en prijs, inherent bestemd is voor therapeutisch gebruik en daarom onder post 3002 valt.
De Staatssecretaris stelde in cassatie dat dit onjuist is omdat het product zelf geen therapeutische werking heeft. De Hoge Raad overweegt dat de bestemming van goederen een objectief criterium is bij indeling en dat producten die onmisbaar zijn voor therapeutische eindproducten ook als bereid voor therapeutisch gebruik kunnen worden beschouwd.
De Hoge Raad bevestigt dat de bloedalbumine op grond van haar objectieve kenmerken en eigenschappen als bestemd voor therapeutisch gebruik moet worden ingedeeld onder tariefpost 3002 10 99. Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt de indeling van bloedalbumine onder tariefpost 3002 10 99.