ECLI:NL:PHR:2011:BP8516
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor professionele hennepteelt met onjuiste strafoplegging
De verdachte werd door het hof veroordeeld tot een gevangenisstraf van 30 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, wegens het telen van in totaal 8.853 hennepplanten op meerdere locaties. Het hof baseerde de straf deels op aanwijzingen omtrent het aantal planten, ook buiten de bewezenverklaring, en hield rekening met de professionele opzet en het georganiseerde karakter van de kwekerijen.
De verdediging voerde diverse middelen van cassatie aan, waaronder de onbegrijpelijkheid van de strafoplegging en de afwijzing van getuigenverzoeken. De Hoge Raad oordeelt dat het hof terecht het verzoek tot het horen van een getuige heeft afgewezen, mede omdat de verdediging het verzoek later introk.
Echter, de Hoge Raad stelt dat het hof onjuist heeft gehandeld door de straf mede te baseren op een groter aantal planten dan bewezen verklaard zonder dat deze aantallen door de verdachte zijn erkend. Dit is in strijd met de vereisten voor strafoplegging. Daarom wordt het arrest vernietigd voor wat betreft de strafoplegging en wordt de zaak terugverwezen voor hernieuwde beoordeling van de straf.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd voor wat betreft de strafoplegging en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde strafbepaling.