ECLI:NL:PHR:2011:BQ0830
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid Openbaar Ministerie door onjuiste akte hoger beroep
In deze zaak heeft het Gerechtshof Arnhem het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep tegen een vonnis van de rechtbank Zwolle-Lelystad van 15 september 2009. Het geschil betrof de ontvankelijkheid van het OM in hoger beroep, omdat in het dossier geen juiste, ondertekende akte hoger beroep tegen het eindvonnis was opgenomen.
De officier van justitie had weliswaar een akte rechtsmiddel ingediend, maar deze richtte zich uitsluitend tegen de afwijzing van een vordering door de meervoudige strafraadkamer en niet tegen het eindvonnis zelf. Bovendien was het appelnummer op de akte doorgehaald en vervangen door een ander nummer, wat duidde op een onjuiste akte. Het hof oordeelde dat deze fout voor rekening van het OM kwam en dat het OM de resterende beroepstermijn niet had benut om dit te herstellen.
De Hoge Raad benadrukte het belang van strikte naleving van vormvoorschriften door het OM en wees erop dat geen verontschuldiging wordt geaccepteerd bij verzuimen aan de zijde van het OM. De Hoge Raad oordeelde dat het oordeel van het hof niet onjuist of onbegrijpelijk was en verwierp het cassatiemiddel. Daarmee bleef de niet-ontvankelijkverklaring van het OM in hoger beroep in stand.
Uitkomst: Het Openbaar Ministerie wordt niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep wegens het ontbreken van een juiste, ondertekende akte hoger beroep tegen het eindvonnis.