ECLI:NL:PHR:2011:BQ6077
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Herziening veroordeling wegens diefstal op basis van onbetrouwbare geuridentificatieproef
Op 3 januari 2003 vond een diefstal plaats bij een bedrijf te Emmeloord waarbij een geldbuidel met ongeveer €1.500 werd weggenomen. Verdachte werd veroordeeld door de Politierechter op basis van onder meer een geuridentificatieproef uitgevoerd door de geurhondendienst Noord- en Oost-Gelderland.
De geuridentificatieproef, gehouden op 13 januari 2003, werd later betwijfeld omdat de hondengeleider de volgorde van de geurdragers kende, wat in strijd is met het voorschrift. Dit leidt tot ernstige twijfel over de betrouwbaarheid van het bewijs.
De Hoge Raad overweegt dat zonder het resultaat van deze geurproef de Politierechter niet tot een bewezenverklaring zou zijn gekomen. Daarom wordt de herzieningsaanvraag gegrond verklaard, de tenuitvoerlegging van het vonnis geschorst en de zaak verwezen naar het gerechtshof voor een nieuwe berechting.
De zaak bevat diverse verklaringen van getuigen en politieambtenaren die de diefstal en aanhouding van verdachten beschrijven, evenals het in beslag nemen van geldbedragen en het uitvoeren van het geuronderzoek. Verdachte ontkent betrokkenheid en wijst op gebrek aan ander bewijs zoals vingerafdrukken.
De Hoge Raad bevestigt het belang van correcte uitvoering van bewijsproeven en waarborgt daarmee het recht op een eerlijk proces.
Uitkomst: Herzieningsaanvraag gegrond verklaard en zaak verwezen naar gerechtshof voor nieuwe berechting.