ECLI:NL:PHR:2011:BQ7999
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest hennepteelt wegens onvoldoende bewijs opzet eigenaar
Op 5 april 2007 werd een hennepkwekerij aangetroffen in een pand te Rotterdam, eigendom van verzoeker. Het hof verklaarde bewezen dat verzoeker in de periode van 1 januari tot 9 april 2007 opzettelijk hennep teelde en op 10 april 2007 opzettelijk aanwezig was met hennepplanten in het pand. Het bewijs bestond uit verklaringen van de verdachte, een proces-verbaal van de politie en een rapportage over het energieverbruik.
Verzoeker stelde dat hij geen opzet had omdat hij niet wist van de hennepkwekerij, mede omdat hij het pand regelmatig controleerde maar sinds eind 2006 niet meer binnen kon vanwege nieuwe sloten. Het hof verwierp dit verweer en stelde dat als eigenaar van het verhuurde pand van hem verwacht mocht worden toezicht te houden, waardoor hij verantwoordelijk was voor de hennepkwekerij.
De Hoge Raad oordeelt echter dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom uit de bewijsmiddelen opzet van verzoeker volgt. Er zijn geen feiten of omstandigheden die aantonen dat verzoeker (voorwaardelijk) opzet had. Daarom is de bewezenverklaring niet met redenen omkleed en wordt het arrest vernietigd. De zaak wordt terugverwezen naar het hof voor hernieuwde berechting.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs van opzet en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.