ECLI:NL:HR:2011:BQ7999
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest hennepteelt wegens onvoldoende motivering opzet
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage waarin verdachte was bewezenverklaard voor het opzettelijk telen en aanwezig hebben van een groot aantal hennepplanten in een pand te Rotterdam.
Het hof baseerde zijn bewezenverklaring op verklaringen van de verdachte, politieprocessen-verbaal, en een rapportage van een energiebedrijf waaruit bleek dat er sprake was van een hennepkwekerij met meerdere oogsten. Verdachte voerde verweer dat hij geen opzet had omdat hij niet wist van de hennepkwekerij in het pand dat hij verhuurde.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd dat verdachte opzet had, aangezien uit de bewijsmiddelen en de overwegingen niet zonder meer op te maken is dat verdachte wist van de hennepteelt. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en wijst de zaak terug naar het hof voor een nieuwe beoordeling op het bestaande hoger beroep.
De Hoge Raad benadrukt het belang van een deugdelijke motivering van de bewezenverklaring, met name omtrent het opzetvereiste bij hennepteelt. De uitspraak is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en uitgesproken op 6 september 2011.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting wegens onvoldoende motivering van het opzet.