ECLI:NL:PHR:2011:BQ9046
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest wegens onvoldoende motivering afwijzing oproeping getuige
In deze strafzaak heeft het gerechtshof te 's-Gravenhage bij arrest van 29 maart 2010 de verdachte veroordeeld voor overtreding van de Opiumwet en een gevangenisstraf van vijftien maanden opgelegd. Tijdens het hoger beroep verzocht de verdediging om het horen van een getuige die in eerste aanleg niet ter terechtzitting was verschenen, maar wel was gehoord door de politie.
Het hof wees het verzoek tot het horen van deze getuige af omdat het volgens het hof onaannemelijk was dat de getuige binnen een aanvaardbare termijn zou verschijnen. Deze beslissing was gebaseerd op het feit dat de getuige niet was verschenen bij de rechter-commissaris ondanks oproepingen, maar er was geen bevel tot medebrenging uitgevaardigd.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het onaannemelijk zou zijn dat de getuige binnen een aanvaardbare termijn zou verschijnen, terwijl de getuige wel degelijk op een bekend adres was gedagvaard. Hierdoor is het oordeel van het hof niet begrijpelijk en wordt het arrest vernietigd. De zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde behandeling van het hoger beroep met betrekking tot het horen van de getuige.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde behandeling van het hoger beroep betreffende het horen van de getuige.