2.1 In cassatie kan onder meer van de volgende feiten worden uitgegaan((1)):
(i) Op 24 september 2003 is verweerster in cassatie sub 1 [verweerster 1] opgericht met het oog op de realisatie van een bouwproject - de bouw van drie hallen((2)) - op een stuk grond, dat verweerster tot cassatie sub 2 [verweerster 2] op 31 december 2003 aan [verweerster 1] in eigendom heeft overgedragen.
(ii) Bij brief van 22 september 2003 heeft [B] B.V. (hierna: [B]) uit naam van [C] B.V. (hierna: [C]) uitgenodigd voor het leveren en monteren van dak- en gevelbeplating, het stalen dakrandprofiel en de gehele staalconstructie en met het oog daarop een prijsaanbieding te doen.
(iii) Bij brief van 19 november 2003 hebben [C] en Staalbouw B.V. ieder een offerte uitgebracht voor het leveren en monteren van dak- en gevelbeplating, respectievelijk het leveren en monteren van de staalconstructie.
(iv) Naar aanleiding van de offertes is overleg gevoerd, waarvan een op 26 november 2003 gedateerd verslag is opgesteld.((3)) Daarin staan te verrichten werkzaamheden en een aanneemsom van in totaal € 450.000,- vermeld, maar ook aantekeningen als: "Prijsaanpassing tgv. konstr wijz. later", Betalingsvoorstel maken" en "Planning aanv. mont 2e week mrt".
(v) Bij brief van 8 januari 2004 deelt [B] aan [C] mee, dat enige tijd geleden overeenstemming was bereikt over de aanneemsom betreffende de bedrijvenlocatie, dat de werkvoorbereiding door Staalbouw is opgepakt, dat nog enkele zaken zijn gewijzigd in verband waarmee bestektekeningen worden toegestuurd. In de brief wordt verzocht om een reactie dan wel eventuele prijsconsequenties zo spoedig mogelijk kenbaar te maken, zodat de schriftelijke opdracht kan worden afgewikkeld.((4))
(vi) [B] schrijft bij brief van 3 maart 2004 aan Staalbouw onder meer het volgende: "Hierbij hebben wij het genoegen om u namens en voor rekening van onze opdrachtgever [verweerster 1] (...) opdracht te verstrekken voor A. Het leveren en vervaardigen van de benodigde staalconstructies (...) en B. Het leveren een aanbrengen van binnen- en buitengevels als ook de dakbeplating en dakranden (...). Een en ander volgens de gemaakte afspraken tijdens het overleg van woensdag 26 november 2003 en conform (...) offerte Staalbouw Eindhoven nr. [001] d.d. 19 november 2003 (en) offerte [C] nr. [002] d.d. 19.11.2003. Voor het totaalbedrag van € 450.000,00 excl BTW. (...)"((5)) De brief is door Staalbouw getekend 'Voor akkoord met in achtname van de opmerkingen'.
(vii) Staalbouw voldoet aan een verzoek in een brief van eveneens 3 maart 2004 van [B] om een factuur voor de tweede betalingstermijn op naam van [verweerster 1] te stellen.((6)) Latere facturen zijn door Staalbouw ook aan [verweerster 1] geadresseerd.
(viii) In met name juni 2003 heeft [B] menigmaal de vertraging in de uitvoering van het werk onder de aandacht gebracht. In een brief van 18 juni 2003 deelt [B] aan Staalbouw onder meer mee: ´Indien u a.s. woensdag 2004 er niet in slaagt aan onze eisen te voldoen, zullen wij u voor het gehele werk in gebreke stellen en door derden laten afmaken, zodat wij aan onze verplichtingen aan onze opdrachtgevers blijven voldoen." Daarop reageert Staalbouw in een brief van 23 juni 2004 met onder meer: "Om te beginnen willen wij gaarne ons excuus aanbieden voor de huidige situatie. (...) Deze situatie is beslist niet het gevolg van onvoldoende aandacht, kennis en/of incompetentie van onze organisatie; maar vloeit direct voort uit onze huidige financiële positie. Wij hebben sinds enkele weken te kampen met een acuut liquiditeitsprobleem."((7)) Naar aanleiding hiervan schrijft [B] in een brief van 25 juni 2004 aan Staalbouw onder meer: "Om voor ons bedrijf verdere schade te voorkomen zullen wij met ingang van maandag 28 juni 2004 een derde partij het werk laten afmaken. De financiële consequenties hiervan zullen wij inventariseren en na oplevering van het werk op u verhalen."((8))
(ix) Een zestal facturen van Staalbouw aan [B] uit periode maart t/m juni 2004 zijn onbetaald gebleven.
(x) Bij beschikking van 25 juni 2004 is aan Staalbouw en [C] surséance van betaling verleend. Zij zijn vervolgens op 30 juni 2004 in staat van faillissement verklaard.
(xi) De faillissementscurator heeft de activa van Staalbouw en [C], waaronder machines, orderportefeuille, het onderhanden werk en alle openstaande vorderingen op debiteuren aan [A] verkocht.((9))