ECLI:NL:PHR:2011:BR0554
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest over bewijsuitsluiting Vialis- en ANPR-gegevens wegens onvoldoende motivering
Op 1 oktober 2008 werd het deels verbrande stoffelijk overschot van een man aangetroffen, later geïdentificeerd als het slachtoffer. Het hof sprak de verdachte vrij van moord/doodslag wegens gebrek aan voldoende bewijs. Tijdens het onderzoek werden kentekengegevens uit de Vialis- en ANPR-systemen gebruikt, waarvan sommige gegevens onrechtmatig waren verkregen omdat ze al vernietigd hadden moeten zijn volgens de Wet politiegegevens.
Het hof sloot de gegevens met betrekking tot de auto van de verdachte uit als bewijs wegens schending van de persoonlijke levenssfeer, maar gebruikte de gegevens van de auto van het slachtoffer wel. De verdachte stelde cassatie in tegen deze bewijsuitsluiting. De Hoge Raad herhaalde de criteria uit eerdere jurisprudentie (art. 359a Sv) dat bewijsuitsluiting een bevoegdheid is die zorgvuldig gemotiveerd moet worden, waarbij rekening moet worden gehouden met het belang van het geschonden voorschrift, de ernst van het verzuim en het nadeel voor de verdachte.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof weliswaar het belang van het geschonden voorschrift had meegewogen, maar niet de ernst van het verzuim en het nadeel dat daardoor is veroorzaakt. Daarom was de motivering onvoldoende en moest het arrest worden vernietigd. De zaak werd terugverwezen voor hernieuwde beoordeling. Hiermee benadrukt de Hoge Raad de zorgvuldigheid die vereist is bij bewijsuitsluiting wegens vormverzuimen.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering bij bewijsuitsluiting en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling.