ECLI:NL:PHR:2011:BR3036
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens niet nakomen leerplichtverplichting ondanks verweer toestemming school
De verdachte werd door het gerechtshof Leeuwarden veroordeeld wegens het niet nakomen van de verplichtingen uit de Leerplichtwet 1969 in de periode van 18 september 2008 tot en met 7 januari 2009. De school had herhaaldelijk geprobeerd contact te leggen met de verdachte en zijn ouders, maar de verdachte meldde zich niet zoals afgesproken en reageerde niet op uitnodigingen.
Het verweer van de verdachte dat hij toestemming had van de school om thuis te blijven en een vervolgopleiding te zoeken, werd door het hof verworpen. Het hof stelde dat pas op 5 november 2008 een gesprek plaatsvond tussen de school, verdachte en zijn vader, en dat er geen aanwijzingen waren dat de verdachte voorafgaand aan die datum met toestemming verzuimde.
In cassatie klaagde de verdediging over een vermeende innerlijke tegenstrijdigheid in het arrest, omdat de bewezenverklaarde periode ook de tijd vóór 5 november 2008 omvatte terwijl het eerste gesprek pas op die datum plaatsvond. De Hoge Raad oordeelde dat dit geen tegenstrijdigheid vormt en dat het hof het verweer toereikend heeft verworpen.
Het cassatieberoep faalde en werd verworpen zonder dat er ambtshalve gronden voor vernietiging werden gevonden. De veroordeling tot een taakstraf van twintig uur werkstraf (subsidiair tien dagen jeugddetentie) bleef daarmee in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de veroordeling tot een taakstraf wegens niet nakomen van de leerplichtverplichting.