ECLI:NL:PHR:2011:BU6598
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt vaststelling kinderalimentatie en draagkracht vader na wijziging omstandigheden
In deze zaak staat de vaststelling van kinderalimentatie centraal, waarbij de vader betwist dat de overeengekomen bijdrage nog voldoet aan de wettelijke maatstaven na gewijzigde omstandigheden. De ouders zijn gescheiden en hebben afspraken gemaakt over de alimentatie voor hun minderjarige dochter. De vader verzocht de rechtbank om de alimentatie te verlagen naar nihil, waarop de rechtbank een bijdrage van €85,- vaststelde.
De moeder ging in hoger beroep en vorderde een hogere bijdrage, waarna het hof de beschikking van de rechtbank vernietigde en de oorspronkelijke alimentatie van €700,- per maand handhaafde. De vader stelde beroep in cassatie in met meerdere klachten, onder meer over de vastgestelde behoefte van de minderjarige, de draagkrachtberekening van de vader, en de toepassing van woonlasten.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof terecht heeft vastgesteld dat de vader zijn stelplicht niet voldoende heeft onderbouwd en dat de behoefte van de minderjarige gelijk blijft aan de overeengekomen bijdrage. Ook is het oordeel van het hof dat de vader als alleenstaande moet worden beschouwd en dat de partner van de vader in haar eigen levensonderhoud moet voorzien, niet onbegrijpelijk. De klachten over woonlasten, verdiencapaciteit van de moeder en verdeling van draagkracht over kinderen worden verworpen. Het beroep wordt verworpen met toepassing van artikel 81 RO Pro.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt verworpen en de oorspronkelijke alimentatieverplichting van de vader wordt gehandhaafd.